Huid

Uit DiabetesWiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Huid

Mensen met diabetes hebben meer kans op het ontwikkelen van allerlei huidaandoeningen. Naar schatting heeft minstens 30 procent van de mensen met diabetes in meer of mindere mate huidproblemen. De verschillende huidproblemen worden in de subitems apart beschreven. Er wordt telkens beschreven wat het is en welke behandelmethoden er zijn.

Wat zijn de oorzaken?

Waarom mensen met diabetes eerder huidklachten krijgen is nog steeds niet helemaal duidelijk. Sommige huidaandoeningen, of de hardnekkigheid ervan, zijn het gevolg van het feit dat mensen met diabetes vaak een minder goede afweer hebben, maar dat gaat niet voor alle aandoeningen op. Ook micro-angiopathie, dat bij de meeste mensen met diabetes op den duur een rol gaat spelen (zie hart en bloedvaten) kan op den duur leiden tot huidproblemen. In de meeste gevallen geldt wel dat stabiele bloedglucosewaarden de kans erop verkleinen, dus ook voor de huid is het belangrijk om zo goed mogelijk ingesteld te zijn.

Hoe vaak moet u zich laten controleren?

Bij elk driemaandelijkse controle en bij de jaarlijkse controle wordt, bij insulinegebruik, naar spuitplekken gekeken. Als u rare plekken of vlekjes ontdekt, ga dan naar uw huisarts en/of laat ze zien bij de volgende controle. U kunt eventueel worden doorgestuurd naar een dermatoloog.

Scleroedema diabeticorum

Wat is het?

2,5 tot 14 procent van alle mensen met diabetes heeft Scleroedema diabeticorum. Dit is een verharding van de huid van de nek, de schouders en de rug die de bewegingsvrijheid beperkt. Een andere vorm van zogenaamde diabetische thick skin, een verharding van de huid die voornamelijk op de handen en de vingers voorkomt, komt vooral voor bij mensen met diabetes type 1.

Welke behandelmethoden zijn er?

De aandoening kan succesvol worden behandeld met UVA-1 lichttherapie. Voor de behandeling worden mensen zes weken lang drie keer per week blootgesteld aan UVA-1 licht. Daarna is de verharding van de huid aanzienlijk verminderd.

Diabetische dermopathie

Wat is het?

30 tot 60 Procent van de mensen met diabetes heeft diabetische dermopathie, ook wel ‘suikerplekken’ genoemd. Diabetische dermopathie bestaat uit ovale plekjes die eerst rood en verdikt zijn. Vervolgens gaan ze vaak schilferen, waarna er lichtbruine plekjes overblijven. De plekjes bevinden zich vaak op de scheenbenen en soms op onderarmen of dijen. Ze kunnen spontaan ontstaan of na een wondje. Diabetische dermopathie geeft geen pijn- of jeukklachten, maar is wel ontsierend.

Welke behandelmethoden zijn er?

Een behandeling is er niet.

Necrobiosis lipoidica

Wat is het?

Deze huidaandoening komt maar bij 0,3 procent van de mensen voor, maar binnen deze groep heeft ongeveer 60 procent diabetes. De afwijking komt vaker voor bij vrouwen en manifesteert zich meestal op de scheenbenen, maar soms ook op de armen, het gezicht, de buik of de handen. Necrobiosis begint met roodbruine bultjes die langzaam groter worden en kunnen ‘samenvloeien’ tot een grote plek met een verharde rand. Het centrum van de plek is verzonken en wordt steeds dunner, waardoor de onderliggende vaten en de gelige vetafzetting eromheen zichtbaar worden. Het gevaar van necrobiosisplekken is dat ze gemakkelijk opengaan en vaak slecht genezen.

Welke behandelmethoden zijn er?

Het dunne centrum van de plek kan niet meer worden behandeld. Wel kan, bij beperkte plekken, met hormoonzalf of -injecties worden geprobeerd uitbreiding van de plek te voorkomen. Necrobiosis wordt ook wel behandeld met Psoralenen-UVA oftewel PUVA, een lichttherapie waarbij de huid eerst gevoelig wordt gemaakt voor ultraviolet licht. Dit gebeurt met een chemische stof: psoralenen. Is de plek opengegaan, dan is een goede wondverzorging heel belangrijk. Steunkousen en bloedverdunners kunnen de doorbloeding van de huid verbeteren en de genezing bevorderen.

Granuloma annulare

Wat is het?

Mensen met diabetes, vooral vrouwen, hebben een verhoogde kans op granuloma annulare. Deze huidaandoening is sterk verwant aan Necrobiosis lipoidica en komt vooral voor bij mensen die al langere tijd diabetes hebben. In tweederde van de gevallen ontstaat het voor het 30e jaar. Granuloma annulare zijn rode, wat verhoogde ringen die voornamelijk voorkomen op de handen en soms ook de voeten. In de uitgebreide vorm komen ze ook voor op knieën, oren, ellebogen, buik, borst, rug en nek. Soms geneest het vanzelf, waarna er een ringvormig litteken ontstaat.

Welke behandelmethoden zijn er?

De behandeling is hetzelfde als bij Necrobiosis Lipoidica. Uitgebreide vormen worden vaak behandeld met antimalaria of antilepra tabletten.

Acanthosis Nigricans

Wat is het?

Deze huidaandoening kenmerkt zich door donkere, fluweelachtige plekjes in de oksels, liezen, onder de borsten en soms in de nek. Bij kinderen is Acanthosis Nigricans een goede voorspeller voor diabetes type 2: 90 procent van de kinderen met type 2 diabetes heeft het. Ook bij volwassenen met diabetes, zowel type 1 als 2, komt het regelmatig voor. Bij kinderen en volwassenen met diabetes en Acanthosis Nigricans, is er vaak sprake van een flink overgewicht.

Welke behandelmethoden zijn er?

De plekjes zijn te behandelen met een vitamine A zalf of, als de plekken schilferig zijn, met salicylzalf. Ook afvallen kan een belangrijk onderdeel zijn van de behandeling.

Vitiligo

Wat is het?

Een andere huidziekte die vaker voorkomt bij mensen met diabetes is vitiligo. Bij vitiligo ontstaan er witte, pigmentloze vlekken die niet pijnlijk zijn of jeuken, maar wel ontsierend zijn. De vlekken zijn extreem gevoelig voor verbranding door de zon, wat de kans op huidkanker vergroot.

Welke behandelmethoden zijn er?

Vitiligo wordt wel eens behandeld met hormoonzalf die de groei van de vlekken zou kunnen stoppen of afremmen, maar er is discussie over het effect hiervan. Verder kan vitiligo worden behandeld met lichttherapie (UVB stralen). Deze therapie is redelijk succesvol.

Lipodystrofie

Wat is het?

Door het spuiten van insuline kunnen spuitplekken ontstaan: lipodystrofie. Dit is te voorkomen door op steeds een andere plek te spuiten.

Persoonlijke instellingen